Eigenstijl – Socker Sucker

Dit item over Blog is geschreven door Marjolein Bos — Deel via

‘Scheids, hands! Let op man, klojo!’ zegt een meisje met een Gooisch accent dat naast me op een verhoging zit, in de veronderstelling dat de scheidsrechter 2.422 km verderop haar hulp nodig heeft. Haar schouders hangen wat naar voren, en haar witte truitje is te kort om te verhullen dat haar net wat te dikke buikje over haar oranje rokje blubbert. ‘Ey joh! Buitenspel’, gaat ze verder en ik zie de grote discobol die op twee meter boven haar hoofd bungelt. Ik sluit mijn ogen en hoop levendig dat de bol naar beneden stort en mij in één klap van haar leven berooft. Het gebeurt niet en ik besluit in de rust naar huis te gaan om me daar in alle rust te ergeren aan de wanprestaties van het Nederlands elftal.

Wat me opvalt aan de Nederlandse bevolking tijdens het W- of EK, is het spreken in de eerste of derde persoon. Als het goed gaat zegt men ‘We hebben gewonnen en we gaan morgen weer winnen’, als er iets minder goed tot ronduit slecht gespeeld wordt, zijn ‘wij het niet meer, maar ‘zij’! ‘Ze speelden echt ruk! Als ze zo ook tegen Duitsland spelen, verliezen ze zeker’. Sowieso moet ik altijd tot het einde van het toernooi wennen aan die wij-vorm. ‘Vanavond spelen we om 9 uur Jel’ heeft er al eens voor gezorgd dat ik dacht uitgenodigd te zijn bij een pubquiz.

Daarnaast ontpopt iedereen zich tot ware voetbalanalist. Iedereen zevert opmerkingen als ‘sjonge jonge, ze verdedigen echt slecht’ en er rijzen vragen als ‘HIJ STAAT VRIJ! ZIET IE DAT DAN NIET?!’ WAAROM SPEELT HIJ HEM NIET OVER?!’ Deze laatste vraag zou ik graag willen beantwoorden met ‘Nee, waarschijnlijk ziet hij dat niet, want hij heeft niet zo’n mooi overall camerabeeld in vogelvluchtperspectief, flapdrol’. Maar ik weet dat zo’n venijnige opmerking niet slim is, want ik ben gay en dat gaat meestal niet goed samen met bier en gefrustreerde hetero-alfamannetjes tijdens het EK.

Gelukkig zijn er ook mensen net als het Gooische dikkerdje in het café. Zij die behulpzaam zijn en denken dat een scheidsrechter, zijn assistent-scheidsrechters en de officials buiten het veld het misschien even niet zien. Gewillig offeren zij zich op om de scheidsrechter erop te wijzen: ‘Droplul! Het is hartstikke buitenspel!’ En hoewel we dan in de herhaling op slowmotion-beelden kunnen aanschouwen dat het geen buitenspel is, houden ze voet bij stuk. ‘Die scheids is gewoon blind!’

En dan zijn er nog mensen als ik. Als het niet lekker gaat, verlaat ik in de rust de kroeg. En als het twee wedstrijden niet lekker gaat, kijk ik de derde wedstrijd niet eens meer. Hoewel ik tijdens de kwart-, halve- en eindfinale pendel van de tap naar een scherm, haak ik bij het uitblijven van succes vrij snel af. Misschien val ik nog wel in de meest vervelende groep van gelegenheidsupporters die de volgende dag op Nu.nl moest lezen dat Oranje eruit lag. Gelukkig voor de mensen die er wel iets om gaven was het slecht weer en werd het Oranjenieuws snel weg gestormd door de NS, die de landelijke trots nog iets verder omlaag haalde door ellenlange vertragingen.

 

Eigenstijl, een wekelijkse column van blogger Jelle Klerx, alias Le Yeah op Stijlmagazine.nl